Pensioenuitkering DC-regeling omlaag

0

In de uitwerking van de pensioenakkoord is volgens Aon onvoldoende aandacht besteed aan de overgangsproblematiek voor werkgevers met een DC-regeling. In 2020 is de gemiddelde pensioenuitkering op basis van deze beschikbare premieregeling met ongeveer 5% afgenomen.

Aon schat dat circa één op de zeven werknemers op dit moment een DC-regeling heeft. Dat aantal zal met de uitwerking van het pensioenakkoord toenemen omdat een beschikbare premieregeling de standaard wordt. Vanaf dat moment worden deze schommelingen in de uitkering nog meer gangbaar. Wel zijn in de uitwerking van het pensioenakkoord dempingsmechanismes ontworpen om die schommelingen af te vlakken.

Als gevolg van de coronacrisis verwacht Aon echter dat de ongelijkheid tussen pensioenfondsen en de huidige beschikbare premieregelingen in de toekomst alleen maar groter wordt. “Een deelnemer die nu een pensioen inkoopt vanuit een beschikbare premieregeling, krijgt immers zowel de historisch lage rente als de schokken op het gespaarde kapitaal direct voor zijn of haar kiezen en moet het economisch verlies dan in één keer nemen.”

Verrassende wending

Dat in de uitwerking van het pensioenstelsel het systeem van dekkingsgraden en rekenrentes volledig wordt losgelaten en er een vaste premie voor in de plaats komt, was voor Aon een verrassende wending van het kabinet en de sociale partners. “Daarmee wordt het pensioencontract standaard beschikbare premie, met meer of minder collectieve elementen. De hoogte van de vlakke premie zal maximaal 33% van de pensioengrondslag bedragen. De besteding kan op twee manieren worden vormgegeven: inleggen op basis van de huidige verbeterde premieregeling (die op een klein aantal punten is gewijzigd) of de premies inleggen op basis van de voorwaarden van het nieuwe ‘doorontwikkelde contract’.

In dit ‘doorontwikkelde contract’ wordt de premie belegd volgens het lifecycle-principe, zoals dat bij beschikbare premieregelingen al gangbaar is. Om de pensioenuitkeringen te stabiliseren zijn er aanvullende afspraken gemaakt. Naarmate mensen ouder zijn, wegen mee- en tegenvallers minder zwaar mee; schokken mogen worden gespreid over de tijd; er komt een solidariteitsreserve die gebruikt kan worden als buffer voor slechte tijden; en het is de bedoeling dat alle regelingen op 1 januari 2026 omgezet zijn.”

Overgangsproblematiek

In de nieuwe situatie moeten de oudere deelnemers gecompenseerd worden, omdat zij straks minder gaan inleggen en daardoor niet op een vergelijkbare pensioenuitkomst kunnen komen. Deze compensatie blijkt in de praktijk echter moeilijk uitvoerbaar, daarom is nu overeengekomen dat beide systemen naast elkaar mogen blijven bestaan, wat het stelsel een stuk complexer maakt. “De huidige beschikbare premieregelingen kennen een progressieve staffel waardoor de premiepercentages stijgen naarmate de deelnemer ouder wordt. In het nieuwe stelsel wordt een vlakke staffel het uitgangspunt. Voor de bestaande deelnemers mag straks de huidige progressieve staffel gehandhaafd worden, terwijl nieuwe medewerkers in de nieuwe systematiek starten en pensioen opbouwen met de vlakke premiesystematiek.

Veel werkgevers zullen dus waarschijnlijk twee pensioenregelingen krijgen en dat zal leiden tot hogere kosten. Voor de nieuwe medewerkers zal doorgaans een vlakke premie worden betaald, die voor jongeren hoger is dan nu het geval is, terwijl de bestaande, oudere populatie in de progressieve staffel steeds duurder wordt. Blijkbaar heeft aan de onderhandelingstafel de focus met name op pensioenfondsen gelegen”, zegt Frank Driessen, Chief Executive Officer van Aon Retirement & Investment.

Betere alternatieven

Er is volgens Driessen aan de onderhandelingstafel onvoldoende aandacht besteed aan de overgangsproblematiek voor werkgevers met een DC-regeling. Hierdoor is er, zo stelt hij vast, onvoldoende stilgestaan bij de gevolgen voor die werkgevers. Driessen: “Wij zien betere alternatieven om dit op te lossen. Bijvoorbeeld een vorm van publieke financiële compensatie voor werkgevers en werknemers of een alternatief waarbij huidige DC-regelingen blijven doorlopen waarbij werkgevers en werknemers vrij zijn om collectief alsnog over te stappen op een nieuw contract.”

Communicatie

Aon pleit voor goede communicatie en begeleiding van de deelnemers bij de overgang naar het nieuwe systeem. Driessen: “In het nieuwe systeem worden de risico’s groter. Het is belangrijk dat deelnemers goed begrijpen welke risico’s zij lopen en wat de gevolgen zijn voor hun pensioenuitkering. Daarnaast komen er met het pensioenakkoord extra keuzemogelijkheden, zoals de optie om een deel van het pensioengeld ineens op te nemen. Het wordt dus nóg belangrijker om de keuzes en de impact daarvan toe te lichten aan de deelnemer.”

Lagere DC-uitkering

Via de Pensioenvergelijker peilt Aon ieder kwartaal de potentie van beschikbare premieregelingent. De index geeft aan hoe het te bereiken pensioen van een 40-jarige zich ontwikkelt onder invloed van onder andere wet- en regelgeving, beurskoersen, inflatie en marktrente. Aon berekent dit op basis van meer dan 1.000 scenario’s.

Volgens de laatste peiling zag een 40-jarige werknemer met een modaal inkomen de toekomstige pensioenuitkering in deze regeling in het eerste kwartaal dalen van 802 euro naar 764 euro per maand. De index stond eind juni 2019 op 104 punten, per eind december 2019 was dat 102 punten en per eind maart 2020 is de index verder gedaald naar 97 punten. Hier is de huidige coronacrisis nog niet in terug te zien; die zal naar verwachting van Aon de pensioenen nog verder onder druk zetten.

Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.

Deel dit artikel

Over de auteur

Redactie InFinance

De redactie is verantwoordelijk voor de dagelijkse nieuwsupdates op de website InFinance.nl en nieuwsbrief InFinance Daily.