‘Meer aandacht voor derde pijler in Wft-opleidingen’

0

Sjaak Zonneveld, directeur BrightPensioen, heeft vorige week het onderzoeksrapport ‘Witte vlek pensioenen kleiner dan gedacht’ overhandigd aan enkele leden van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid van de Tweede Kamer.

Het onderzoek waaruit InFinance eerder al publiceerde, toont aan dat het grootste deel van de werkgevers uit de witte vlek (70%) wel degelijk bereid is geld uit te geven aan een oudedagsvoorziening. Ze hebben echter hun redenen om geen pensioenregeling in de tweede pijler te nemen. Een deel van de witte vlek komt volgens de aanbieder van derde pijler oplossingen doordat werkgevers niet kiezen voor een oplossing in de tweede pijler bij een verzekeraar of pensioeninstelling (PPI).

De oproep die Zonneveld aan politiek Den Haag en aan de pensioensector wil doen is om de derde pijler serieuzer mee te nemen in adviestrajecten waar blijkt dat de tweede pijler minder goed past en daar ook actief de derde pijler als optie te noemen. Adviseurs doen dat volgens Zonneveld tot nu toe nauwelijks. Deze mogelijkheid zou wat hem betreft dan ook expliciet benoemd moeten worden in de Wft-opleidingen, als oplossing voor werkgevers die niet voor pijler 2 wensen te gaan.

Zonder kennis geen keuze

Na de overhandiging van het rapport sprak Zonneveld met de ontvangers Sjoerd Warmerdam (D66), Bart Smals (VVD) en Hilde Palland (CDA). Daar deelde hij niet alleen de resultaten maar ook de conclusies en aanbevelingen die daar wat hem betreft bij passen.

Zonneveld: “Bart Smals (VVD) stelde eerder al eens voor in de Tweede Kamer om de derde pijler mee te nemen in het bepalen van de witte vlek. Dit onderzoek wijst uit dat inderdaad een veel grotere groep dan gedacht (30%) gebruikmaakt van de derde pijler. Maar dat die nog groter zou kunnen zijn, omdat een grotere groep die nu extra salaris geeft (40%) vermoedelijk niet op de hoogte is dat de derde pijler ook tot de mogelijkheden behoort. Die groep verwacht namelijk dat die salariscompensatie niet heel vaak gebruikt zal worden om er daadwerkelijk een pensioenproduct mee aan te schaffen, terwijl ze dat wel graag zouden willen.”

Doordat pijler 2 en 3 fiscaal grotendeels gelijk zijn getrokken, is er op fiscaal gebied volgens Zonneveld weinig verschil tussen een regeling via een PPI en lijfrente lifecycle oplossingen. “Waarbij pijler 3 een aantal kenmerken en mogelijkheden heeft die voor bepaalde werkgevers van belang zijn. Zoals bij kleine bedrijven waarbij de (overhead)kosten van een pensioenregeling opzetten en onderhouden (te) hoog zijn. En bij werkgevers die meer geloven in een 100% individueel potje, waarin medewerkers ook zelf kunnen inleggen. Of werkgevers die niet alle medewerkers willen verplichten mee te doen, wat we vaak zien bij werkgevers met veel buitenlandse medewerkers. Werkgevers die een grotere mate van flexibiliteit wensen. Dit zijn allemaal redenen die in het onderzoek door werkgevers worden genoemd om geen pensioenvoorziening te bieden. Maar ze weten dan nog niet dat de derde pijler veel van deze bezwaren juist wegneemt”, aldus Zonneveld.

Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.

Deel dit artikel

Over de auteur

De redactie is verantwoordelijk voor de dagelijkse nieuwsupdates op de website InFinance.nl en nieuwsbrief InFinance Daily.

Reacties zijn gesloten voor dit bericht.